zondag 31 januari 2016

De oorlog in Syrië en de Europese vluchtelingencrisis



Nu de Syrische o
ppositie eindelijk heeft ingestemd met deelname aan de vredesbesprekingen in Genève kunnen deze dan toch beginnen. Het overleg zou snel moeten leiden tot een staakt-het-vuren en uiteindelijk tot een einde aan het conflict. Maar aan de vooravond zei niemand minder dan de Amerikaanse vicepresident Joe Biden dat de VS nog altijd klaar staat voor een militaire oplossing. Wat wil Washington nu? Is een politieke oplossing dan toch niet niet essentieel? En leidt die oorlogsretoriek niet tot een conflict met Moskou? Sinds enkele maanden treden de Russen, op verzoek van de legitieme Syrische regering, militair op tegen ISIS en de door het Westen, in strijd met het internationaal recht, geronselde gewapende oppositie.

Genève wordt een schijnvertoning

Sinds 2011, toen voor het eerst werd gepleit voor een onderhandelde oplossing van het conflict, heeft de VS elke vredesonderhandeling gesaboteerd. En het Westen ging in 2012 niet in op een Russische compromisvoorstel waarin de Syrische president Bashar al-Assad zou aftreden. Vandaag moet Assad niet onmiddellijk van het toneel verdwijnen, maar wel op korte termijn. Het is niet de Syrische bevolking die mag uitmaken door wie zij geregeerd wordt. Assad heeft nog altijd een grote aanhang bij de bevolking, en maakt een goede kans om herkozen te worden. Het Westen weet dat, vandaar dat Assad “weg” moet. Het Westen wil een marionettenregering.

De buitenlandse militia's in Syrië kunnen de verklaring van Joe Biden enkel zien als een signaal om de strijd voort te zetten, om in Genève geen compromissen te sluiten. De VS wil blijkbaar dat de proxy-oorlog doorgaat. Syrië moet verder worden gedestabiliseerd. Ten koste van nog vele tienduizenden doden, honderdduizenden ontheemden en een volkomen uit de hand lopende vluchtelingencrisis in Europa. Genève wordt een schijnvertoning. Staffan de Mistura, de VN-speciaal-afgezant voor Syrië, zei het in alle openheid: de onderhandelingen zullen lang duren, misschien wel een half jaar.

De Syrische regering is aan de winnende hand

Doorslaggeven
d in het conflict in Syrië is de controle over het geïndustrialiseerde westen, het gebied dat Damascus, Homs, Hama, Latakkia en Aleppo omsluit. Het Syrische leger, gesteund door de Russische en Syrische luchtmacht, Iraanse speciale troepen en Hezbollahstrijders langs de Syrisch-Libanese grens maken hier grote vorderingen, een feit dat de Westerse mainstream media volledig verzwijgen. Dat de Syrische overheid geen controle uitoefent over de woestijngebieden in het oosten is geen probleem, met uitzondering van het gebied rond Deir ez-Zur vanwege de oliewinning, maar ook hier kan ISIS zich op termijn niet handhaven. Overigens vraagt niemand zich af hoe ISIS kon ontstaan en waarom dit “monster” blijkbaar kan rekenen op steun bij de bevolking.

Het optreden van de Koerden in het noorden, die met VS-hulp de grens met Turkije afsluiten, draagt bij tot de vorderingen die de Syrische overheid maakt. Hier staan Turkije en de VS tegenover elkaar. Turkije probeert tevergeefs een wig te drijven tussen de Syrische Koerden langs de Turkse grens in het westen en het oosten. De VS kijkt aan tegen een mislukking van zijn Syrië-strategie. Binnen de regering-Obama lijken zich twee kampen af te tekenen: buitenlandminister John Kerry die een diplomatieke oplossing bepleit, en vicepresident Joe Biden die een gewapende overwinning voorstaat. Maar dat is schijn. De twee kampen voeden elkaar, zien in de vredesonderhandelingen een kans om de
proxytroepen te hergroeperen. Een houding die enkel leidt tot verlenging van de uitzichtloze strijd en een aanhoudende vluchtelingenstroom.

Supermacht Amerika tegenover opkomend Eurazië/China

De oorlog in Syrie gaat niet tussen Soennieten en Sjiieten, rebellen tegen het leger van Assad. Het Syrische leger bestaat in meerderheid uit Soennieten. Als het echt ging om een Soennitisch-Sjiietisch conflict, dan zou de regering die steunt op Sjiietische Allowieten, nog geen 10% van de bevolking, al lang gevallen zijn. In Syrië botst de tanende macht van het Westen tegen die van de
nieuwe zijderoute die China met Afrika, Europa en Azië moet verbinden, met een prominente plaats voor Eurazië, de economische unie tussen Rusland, Kirgizië, Armenië, Wit-Rusland en Kazakstan. De Chinese president Xi Jinping werd recent in Saoedi Arabië, Iran en Egypte met open armen ontvangen. Vooral de Saoedi's zien in een strategische relatie met China een goed alternatief voor de bestaande relatie met wereldmacht Amerika op zijn retour.

De strijd in Syrië gaat om de controle over grondstoffen. Alles draait om de vraag welke van twee pijplijnen het haalt. Als de combinatie Turkije-Saoedi Arabië-Qatar de oorlog in Syrië wint komt er een pijplijn van Qatar naar de Middenlandse Zee en levert Qatar aardgas aan Europa. Blijft Syrië met steun van Iran en Rusland overeind, dan leveren Iran en Irak aardgas aan Europa. Gazprom heeft al interesse getoond om in de pijplijn te investeren, zodat ook Rusland participeert in zo'n project.

Niet-conventionele oorlog met Rusland

Maar zover is het nog niet. In Syrië spelen twee conflicten: tussen de VS en Rusland, en tussen Saoedi Arabië en Iran. In feite is er al geruime tijd sprake van een oor
log tussen de VS en Rusland. Geen conventionele oorlog, maar een oorlog tussen proxies. En economische sabotage, zoals de ineenstorting van de olieprijzen, de sancties, de insinuaties over de dood van de overgelopen Russische geheim agent Alexander Litvinenko om de EU onder druk te zetten de sancties overeind te houden. Alles draait om de vraag wie het monopolie krijgt op gasleveringen aan Europa: Qatar of Iran. Maar dat is slechts een onderdeel van het grote schaakspel: de opkomt van het Oosten, de BRICS, en de afnemende invloed van het Westen.

Voor de prominente Amerikaanse politicoloog Stephen Walt vloeit mondiale invloed deels voort uit competentie, een imago dat de laatste drie Amerikaanse regeringen nu niet bepaald hebben waargemaakt: (1) de strategie om Irak en Iran tegen elkaar uit te spelen droeg bij aan Bin Laden's besluit om de VS aan te vallen, (2) onder Amerikaans toezicht is een twee-staten-oplossing voor het Israel-Palestina conflict de nek opgedraaid, (3) de invasie in Irak was een gigantische blunder waar de wereld nog altijd de wrange vruchten van plukt, (4) de VS-interventies in Libië, Somalië en Jemen hebben ook daar tot mislukte staten geleid, en (5) de VS heeft in Syrië geen glorieus parcours gelopen. Maar anders dan Walt aan het slot van zijn discours stelt wordt vandaag het lot van het Midden-Oosten niet per saldo bepaald door de inwoners, maar door de grootmachten.

Vluchtelingenstroom sinds komst buitenlandse strijders

Regionale grootmachten sluiten zich liever aan bij de opkomende wereldmacht dan bij
het oorlogszuchtige Westen. Het Westen ziet die ontwikkeling met lede ogen aan, en kiest voor het destabiliseren, het vernietigen van een staat als Syrië die het maar niet onder controle krijgt. Ziet geen van de strijdende partijen zijn pijplijnen over dat land gerealiseerd, dan is dat voor het Westen een aanvaardbaar alternatief. Liever een permanente oorlog, dan de tegenstander laten winnen. Daarbij neemt men de vluchtelingenstroom voor lief. Die is niet veroorzaakt door Assad. Die is sinds 2000 aan de macht. De vluchtelingenstroom begon in 2011, sinds het begin van de oorlog die ontstond met de komst van door de VS en Groot-Brittannië gesponsorde buitenlandse strijders.

In Genève denken alle spelers wat te kunnen winnen. De Turkse president
Recep Tayyip Erdoğan en de Amerikaande vicepresident Joe Biden praten over de inzet van troepen, maar zullen enkel de steun aan hun proxies verhogen. In die chaotische situatie opereert nog altijd ISIS. Die is zowat omsingeld, kan zich niet goed meer bevoorraden, maar is nog lang niet verslagen. Met of zonder Genève, reken op een jaren aanslepende oorlog naar het model van de 15-jarige oorlog in Libanon. Met een blijvend vluchtelingenprobleem. Europa kan zijn mouwen oprollen.