donderdag 18 juli 2013

De sluipende staatsgreep in Amerika




“In het verleden hebben wij afgerekend met fascisme en communisme. Het waren niet enkel raketten en tanks die daarbij de doorslag gaven, maar ook onze sterke bondgenootschappen en trouw aan onze beginselen. Macht alleen kan ons niet beschermen, en onze macht geeft ons niet het recht om onze wil door te drukken. Onze macht neemt toe als we die verstandig gebruiken. Als wij een gerechtvaardigde zaak nastreven, het goede voorbeeld geven en ons nederig en terughoudend opstellen komt het wel goed met onze veiligheid. Als wij vasthouden aan deze beginselen kunnen wij het hoofd bieden aan de nieuwe bedreigingen die nog grotere inspanningen vergen en zelfs nog omvangrijker samenwerking en begrip tussen naties.”

Met onder andere dit onderdeel uit zijn
speech bij zijn aantreden op 20 januari 2009 spiegelde president Obama de wereld een drastische beleidsombuiging voor. In werkelijkheid zette Obama echter het beleid van George W. Bush in versterkte mate voort. Vandaag, vijf jaar later, moeten wij vaststellen dat Amerika een nationale veiligheidsstaat is geworden. Het zijn natuurlijk niet de klokkenluiders die Amerika ziek maken. De ziekte is de permanente staat van oorlog waar het land voor kiest. De “checks and balances” uit de Grondwet, die de drie machten in evenwicht moeten houden, werken niet meer. Sterker nog, de uitvoerende macht krijgt steun van de andere machten om nóg meer macht te verwerven. Uiteindelijk wordt het land bestuurd door het militair-industrieel complex en de inlichtingendiensten, waarbij de media hand- en spandiensten verlenen.

In een
opiniestuk in De Tijd komt de Leuvense politicoloog Bart Kerremans niet verder dan de vraag of het Amerikaanse beleid niet ten koste gaat van de basisprincipes van de Amerikaanse rechtsstaat. Het voortdurende onrecht in Guantanamo, de drones die ook burgerslachtoffers maken, het optreden van NSA, CIA en andere inlichtingendiensten, voor de professor zijn dat allemaal zaken die de vraag oproepen wat daarmee overeind blijft van basisbeginselen zoals privacy en de rechterlijke controle op inbreuken daarop.  Maar tegelijk toont Kerremans begrip voor de “moeilijke” positie van de president na 9/11. Hij citeert daarbij Obama, die recent nog eens heeft gezegd dat hij als president ook opperbevelhebber is en het voorkomen van een nieuwe aanslag dus zijn eerste bekommernis moet zijn. Per saldo moet voor Kerremans de president “in de grijze zone aan de rand van de rechtstaat” kunnen opereren.

Professor Kerremans zwijgt zedig over het vierde “natuurrecht” uit de Onafhankelijkheidsverklaring.[1] Dat handelt over de volkssoevereiniteit, die stoelt op de theorie van het sociale contract: politiek gezag is slechts legitiem indien het de rechten van het individu respecteert en is gebaseerd op “the consent of the governed”. Letterlijk zegt de Verklaring
: “…when a long train of abuses and usurpations ... evinces a design to reduce them under absolute Despotism, it is their right, it is their duty, to throw off such Government...” (als een lange reeks misbruiken en machtsoverschrijdingen … duidt op een plan hen te onderwerpen aan absolute dictatuur, is het hun recht, ja zelfs hun plicht, zo'n regering af te zetten). Men kan het huidige Amerikaanse overheidsoptreden absoluut niet rijmen met de principes van de rechtsstaat. Dat optreden is inpeachable. Het had Amerikakenner Kerremans, die regelmatig duiding komt geven op de Vlaamse publieke radio, gesierd zich wat principiëler op te stellen.

Anders dan professor Kerremans windt de Amerikaanse journalist en auteur
Chris Hedges er geen doekjes om. Sinds het om zeep helpen van de Occupy beweging voert de veiligheidsstaat een meedogenloze en in belangrijke mate clandestiene campagne om elk protest bij voorbaat de wind uit de zeilen te nemen. De bedoeling is om elke democratische volksoppositie te criminaliseren voordat die enige omvang krijgt. De door bespieding gelokaliseerde oppositiegroepen worden vroegtijdig en proactief de toegang tot publieke ruimten ontzegd, maar de groepen worden ook lastig gevallen, ondervraagd, geïntimideerd, gearresteerd en opgesloten voordat het tot protestacties kan komen. Er is een woord voor dit type politieke systeem: tirannie. Voor Hedges kan dat alleen maar leiden tot clandestien en zelfs gewelddadige verzet.

Paul Craig Roberts
spreekt onomwonden over een coup d’état in Amerika. De uitvoerende macht stelt zich boven de wet en heeft geen boodschap aan de grondwet. Burgers worden opgepakt op gezag van een bureaucraat, geïnterneerd en gefolterd. Zonder tussenkomst van een rechtbank of informatie aan familie. De “Amerikaanse Stasi” onderschept elke communicatie en kan die gebruiken om iemand als “binnenlandse terrorist” te brandmerken. Het regime duldt geen tegenspraak. Kan men een burger niet gemakkelijk oppakken, dan wordt die met een drone uit de weg geruimd, inclusief onschuldige omstanders. Uitleg is overbodig. Voor de tiran Obama is de opgeruimde mens slechts een naam op een lijst. De president heeft ijskoud verklaard dat hij beschikt over deze ongrondwettelijke rechten, en zijn regime gebruikt die om burgers in de mangel te nemen. En niemand die oproept tot afzetting van de machtsmisbruiker. Het Congres geeft forfait, de bange burgers houden zich koest. Zo kon een president die democratisch verantwoording verschuldigd is uitgroeien tot een Caesar. De uitvoerende macht heeft een geslaagde coup tegen Amerika gepleegd.

Roberts heeft als ex-lid van de uitvoerende macht recht van spreken. Het oppakken van Snowden kreeg voorrang op het respecteren van het internationaal recht en diplomatieke onschendbaarheid. Krijgt na de “aanhouding” van de Boliviaanse president Evo Morales de Britse regering straks de opdracht om
Julian Asange uit de Ecuadoriaanse ambassade te slepen om hem aan de CIA over te dragen voor waterboarding? Onder de dictatuur van Obama wordt elke Amerikaan die de waarheid zegt op de korrel genomen. Niemand minder dan de juist afgetreden minister van Binnenlandse Veiligheid Janet Napolitano heeft verklaard dat de Binnenlandse Veiligheidsdienst haar aandacht had verlegd van moslimterroristen naar “binnenlandse extremisten”. Dat is een rekbaar en ongedefinieerd begrip waar men gemakkelijk klokkenluiders als Bradley Manning en Edward Snowden onder kan laten vallen, net als een ieder die het regime met onthullingen in verlegenheid kan brengen.

Sinds het eind van de Koude Oorlog, toen Amerika als enige supermacht op het wereldtoneel overbleef, is het land veranderd, een fenomeen dat sinds 9/11 is versneld. De checks and balances[2] uit de grondwet blijven dode letter. De drie machten zijn geruisloos samengesmolten tot een machtsblok dat geen enkele boodschap heeft aan we, the people.[3] Het land heeft een sluipende staatsgreep ondergaan. Het regime steunt op geheime rechtscolleges en omvangrijk en onrechtmatig toezicht op bevolkingen in binnen- en buitenland. Amerika is uitgegroeid tot de enige schurken-supermacht ter wereld. O ironie: waar in de twintigste eeuw heel wat dictaturen werden vervangen door democratische regeringen, steekt in het zo bewonderde Amerika van de vrijheid, de oudste democratie, het totalitarisme de kop weer op.

De criminelen in Washington kunnen maar overleven zo lang als het regime de waarheid kan onderdrukken. Legt de Amerikaanse bevolking zich neer bij de staatsgreep, dan onderwerpt het zich aan de tirannie. Maar elders in de wereld groeit het verzet tegen de wereldmacht die ten koste van alles zijn wil doordrukt, zijn macht niet verstandig gebruikt, geen gerechtvaardigde zaak nastreeft, niet het goede voorbeeld geeft en zich bij lange na niet nederig en terughoudend opstelt, zaken die de aantredende president in 2009 zo plechtig beloofde. De val van het Amerikaanse imperium is nog slechts een kwestie van tijd.



[1] Bart Kerremans: “Op verkenning in het Amerikaanse federale politieke systeem” (november 2004), p. 9-11
[2] Ibid,, p. 31
[3] Ibid., p. 27

Geen opmerkingen:

Een reactie posten